Toelichting verloop Tozo zaak

Toelichting verloop Tozo zaak

6 jul. 2022
Toelichting verloop Tozo zaak

(leestijd 5 minuten)

Een ondernemer die in Nederland werkt, premies en belasting betaalt maar geen aanspraak mag maken op steun in tijden van corona. Niet bepaald een voorbeeld van gerechtigheid. Toch was dit het afgelopen jaar de situatie voor veel grenswerkers. Zzp'ers wonend in België maar werkend in Maastricht vielen tussen wal en schip. De Belgische regering stelde dat ondernemers alleen aanspraak maakten op ondersteuning als ze belasting betaalden in België. De Nederlandse overheid, daarentegen, eiste dat ondernemers in Nederland moesten wonen om aanspraak te maken op coronasteun. Zo zaten taxichauffeur Umut Akkoyun, kleermaker Niels Drittij, en veel andere grenswerkers maandenlang zonder noodsteun thuis. 

De fractie van Volt Maastricht vindt deze situatie moeilijk te rechtvaardigen. Zo ook de Rechtbank Limburg, die stelde dat de Nederlandse woonplaatsvoorwaarde voor coronasteun in strijd is met het Europese recht op vrijheid van vestiging. Daarom hebben wij op 31 mei 2022 een motie ingediend. Deze motie, genaamd ‘TOZO-regeling grenswerkers’, riep het college van B&W (burgemeester en wethouders) van Maastricht op om niet in hoger beroep te gaan. De motie kreeg grote steun van de Raad, maar er bleek ook veel onzekerheid te heersen. Voornamelijk over de mogelijke financiële gevolgen mocht de gemeente er voor kiezen niet in hoger beroep te gaan.

Tijdens de raadsvergadering werd er een beroep gedaan op Volt om de motie aan te houden. De Raad zou graag wachten op meer informatie van de minister. Hier hadden, en hebben, we begrip voor. We beslisten te wachten op duidelijkheid over de financiële gevolgen van de motie.


Om de gevraagde duidelijkheid te creëren heeft op 8 juni 2022 een afspraak plaatsgevonden tussen de desbetreffende wethouder en het ministerie. Aan de hand van deze afspraak is er een RIB (raads informatie brief) opgesteld en naar de Raad verstuurd. In deze brief staan enkele argumenten waarom zowel het rijk als de gemeente Maastricht in hoger beroep willen gaan.

In deze brief geeft het ministerie o.a. het volgende argument: “Het maakt duidelijk dat wanneer Maastricht die mogelijkheid (om in hoger beroep te gaan) frustreert, het ook rekening moet houden met de eventuele grote (financiële) gevolgen”. Wij kunnen dat risico niet goed overzien. Dit plaatst ons, niet alleen de fractie maar ook de Raad en de gemeente, in een onmogelijke positie, waar we moeten kiezen tussen het welzijn van grenswerkers en dat van Maastricht. En dit terwijl grenswerkers een vitaal onderdeel zijn van onze lokale ecomomie. Daarom zoeken we naar een andere weg. Een weg die de rechten van de grenswerker waarborgt maar ook juridisch genoeg lading dekt.

Een grensoverstijgend probleem vraagt om grensoverstijgende oplossingen. Wij hebben deze brief gestuurd naar de minister, deze vragen gesteld via ons kamerlid Marieke Koekkoek (in samenwerking met het CDA), en zullen met onze Europarlementariër Damian Boeselager in gesprek gaan om te kijken wat wij op Europees niveau kunnen regelen.

Volt wilt pragmatische en positieve politiek bedrijven. Wij zien zelf betere oplossingen dan het voeren van een rechtszaak. Volgens ons begint het bij wet- en regelgeving. Op zowel Rijks als Europees niveau. Één ding staat centraal, een grenswerker zal overal gelijk moeten worden behandeld.

Fractie Volt Maastricht